Juana Castro
DE LOTUSETERS
Amsterdam 1998
Om twaalf uur ‘s middags komt de spraakloze engel
van de immigranten door de lucht voorbij. Alles
rijst op en is damp
van vers gebakken brood met aroom
van bloemen. In de wijken, op de trams,
aan de ramen en in de metro koopt elke immigrant
zijn bloem van elke dag en een
portie brood. Bruin brood, hoog brood,
wit brood, blond brood, van rogge of uit het zuiden.
Elke immigrant ruikt
zijn brood van elke dag terwijl hij bijt, één voor één
op de regenboogkleurige kruimels bijt
van zijn portie bloem.
LOTÓFAGOS
Amsterdam 1998
A mediodía, por el aire, pasa
el ángel mudo de los inmigrantes. Todo
se alza y es un vaho
de pan recién cocido con aroma
de flores. En los barrios, los tranvías,
las ventanas y el metro, cada inmigrante compra
su flor de cada día y una
ración de pan. Pan moreno, pan alto,
pan blanco, pan rubio, de centeno o del sur.
Cada inmigrante huele
su pan de cada día mientras muerde, una a una
las irisadas migas
de su ración de flor.
© Juana Castro - 'Lotófagos' uit: El extranjero, 2000
© vertaling Fa Claes







Reacties