« Juana Castro | Hoofdmenu | Niki Marangou »

8-6-06

Juana Castro

Juana_castroJuana Castro werd in 1945 geboren te Villanueva de Córdoba (Spanje). Zij is professor-specialiste in de kinderopvoeding en sinds 1971 lid van de Real Academia de Córdoba de Ciencias, Bellas Letras y Nobles Artes. Als literair criticus heeft ze meegewerkt aan verschillende tijdschriften en dagbladen. Gedichten van haar werden vertaald in het Engels, Portugees, Tsjechisch, Catalaans en Frans. Ze schreef een twaalftal dichtbundels en was medevertaalster van een bloemlezing Italiaanse poëzie. Zowel haar poëtisch als haar educatief werk werd vaak onderscheiden. In 1995 bood Encarna Garzón García aan de universiteit van Córdoba een doctoraalscriptie aan over het werk van Juana Castro: Trayectoria poética de Juana Castro (1978-1992) waarvan het derde deel in 1996 werd uitgegeven onder de titel: Temática y pensamiento en la poesía de Juana Castro.

Sinds 1970 is ze actief begaan met culturele ondernemingen die belangstelling tonen voor de vrouw. In het bekende Palacio de Viana in Córdaba zijn in de muren van de patio enkele versierde faiencetegels aangebracht met daarop telkens een gedicht over de Palacio. Op één van die tegels staan verzen van deze dichteres. Van haar verscheen in 2005 de bundel Los cuerpos oscuros (2005) die over Alzheimer gaat. Juana Castro kent de ziekte van nabij, haar beide ouders zijn Alzheimerpatiënt. Haar vader is inmiddels overleden.


INANNA

Zoals de rijpe bloem van de magnolia
was ze groot en gelukkig. In het begin
bestond alleen Zij. Wit, vochtig en zacht,
had ze zich lief in het sombere
speeksel van de algen,
in de omheinde holten van de truffels,
in de zachte pubis van de merels.
Ze sliep in de havervelden
op bedden van meeldraden
en haar bijenlippen
openden, op een kier, de gouden
vulva’s van de lotusbloemen.
Ze streelde al het
licht van de oleanders
en in de blauwe sauriërs
dronk ze het heerlijke
sap van de maan.
Ze omvatte zich in de geurige
dijen van de ceders
en betokkelde haar poriën met het
onbeschadigde stuifmeel van de larven.
Glorie en lof aan Haar,
aan haar baarmoeder levendig van stampers,
aan haar vruchtbare orchidee en aan haar taille!
Laat haar genot uitschijnen
in druiven en in sterren,
in duiven en korenaren,
want ze is prachtig en groot,
o de witte magnolia. Alleen!


INANNA

Como la flor madura del magnolio
era alta y feliz. En el principio
sólo Ella existía. Húmeda y dulce, blanca,
se amaba en la sombría
saliva de las algas,
en los senos vallados de las trufas,
en los pubis suaves de los mirlos.
Dormía en las avenas
sobre lechos de estambres
y sus labios de abeja
entreabrían las vulvas
doradas de los lotos.
Acariciaba toda
la luz de las adelfas
y en los saurios azules
se bebía la savia
gloriosa de la luna.
Se abarcaba en los muslos
fragantes de los cedros
y pulsaba sus poros con el polen
indemne de las larvas.
¡Gloria y loor a Ella,
a su útero vivo de pistilos,
a su orquídea feraz y a su cintura!
Reverbere su gozo
en uvas y en estrellas,
en palomas y espigas,
porque es hermosa y grande,
oh la magnolia blanca. Sola!


© Juana Castro - 'Inanna' uit: Narcisia, 1986
© vertaling Fa Claes

Reacties

Laat een reactie achter

Zoeken

Colofon

Onder redactie van Chrétien Breukers en Ton van 't Hof. Vaste medewerkers: Fa Claes en Kees Klok. Reacties onder eigen naam of dichterspseudoniem zijn zeer welkom. Anonieme of niet ter zake doende reacties worden verwijderd.

Brakke Verslog

Elders

Google Nieuws

Pagina's

Adverteren?

De Contrabas wordt meer dan 40.000 keer per maand bekeken. Wilt u ook tegen gunstige tarieven adverteren? Neem dan contact met ons op >> email

FeedCount

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005