Gisteren, op 02-11-2006, presenteerde Uitgeverij Kleine Uil een drietal bloemlezingen. Schrijver dezes, inwoner van de stad Groningen, vertrok in verband hiermede per fiets en vervolgens trein naar Leeuwarden, alwaar de Friese bloemlezing zou worden aangeboden. In de trein kreeg hij gezelschap van de dichter Pier Boorsma, zelf mede verantwoordelijk voor een andere bloemlezing van de Friestalige poëzie. Deze Spiegel van de Friese poëzie kreeg destijds, terecht, veel lof toegezwaaid.
De presentatie vond plaats in het gebouw van Omrop Fryslân, een veel te klein, ongezellig zaaltje stond de uitgever ter beschikking. Onder de aanwezigen veel grijzende koppen bij de heren en slecht geverfde kapsels bij sommige dames. De klinische sfeer die in dit vertrek hing, zou tijdens deze boekpresentatie niet meer doorbroken worden. De middag werd beheerst door een aangrijpend soort saaiheid en kilheid. Was ik maar thuisgebleven, maar ik moest dat boek snel in handen hebben, actualiteit, u kent het wel.
Een drietal dichters las ook nog iets voor uit eigen werk. De Leeuwarder stadsdichter Arjan Hut deed het, hoewel niet blind gelijk de Friese bard Tsjêbbe Hettinga, uit het blote, op jeugdige leeftijd reeds kalende hoofd. Ach ja, je moet wat.
De Groninger voordrachtskunstenaar Melle Hylkema was eigenlijk ook een Fries. En de naam van de Drenthse geweldenaar ben ik helaas vergeten.
Na afloop van de plichtplegingen had ik nog een kort gesprek met de Friese literatuurkonsulent Teake Oppewal. Hij was heel erg boosch. Voor degenen die het Fries kunnen volgen: hier te beluisteren.
Ik ben het geheel met Oppewal eens. Het komt er op neer dat deze bundel gepresenteerd wordt als zijnde onderdeel van een Noordelijke canon. In het voorwoord stellen de bloemlezeressen B. Gezelle-Meerburg en J. Bilker echter: 'Welke criteria hebben wij dan gehanteerd als wij ons niet lieten leiden door de literaire kritiek of de literaire canon in Fryslân? Het antwoord is: onze eigen smaak en mening'. Dus deze poëziekeuze is volgens de uitgeverij een canon, maar volgens de samenstellers het tegenovergestelde van een canon. Wie het begrijpt: gaarne hieronder uw reactie. Iemand mag mij dan ook eens de volgende zinsnede uit het voorwoord uitleggen: 'Wij konden uitsluitend op onze eigen smaak en criteria afgaan, hoefden geen rekening te houden met verkoopcijfers ... ..., de omvang van een oeuvre en tot slot: de 'common sense', die al gauw van zich deed spreken op de sites van verscheidene webloggende dichters'. Wat wordt met het laatste bedoeld?
Eigenzinnigheid: ik lust er wel pap van. Maar wat de keuze van deze twee dames betreft: de vraag roept zich op of hier niet eerder sprake is van krank- dan wel stompzinnigheid. Het niet opnemen van de grootste Friese dichter aller tijden Obe Postma in een boek met de titel De 100 mooiste Friese gedichten is ronduit misdadig. En de door Uitgeverij Kleine Uil gepropageerde Noordelijke eenheid bezorgt mij een uiterst vieze smaak in de mond. Het op één lijn zetten van de Friese literatuur met die van die van Groningen en Drenthe is kortgezegd historisch volkomen onjuist.
Het allerergste van deze middag was echter... het ontbreken van alcoholica na afloop van de presentatie. Koffie, thee en een koekje. Het leek net of er iets of iemand ten grave was gebracht.
Gelukkig was er thuis bami, met kippenpoot en saté. Het geheel liet zich voortreffelijk vergezellen door een frisse witte wijn.
Lenze L. Bouwers
Reine de Pelseneer
Jabik Veenbaas
Hans van Willigenburg
Peter Swanborn
Leo Herberghs
Ton van 't Hof
Ton van Reen
Joris Miedema
Peter Drehmanns
Frits Criens
Rik Andreae
Jabik Veenbaas
Sacha Blé
Bernhard Christiansen
Delphine Lecompte
André van der Veeke
Enfin, bami, met kippenpoot én saté, Friescher kan het niet. De wijn was ongetwijfeld een Leeuwarder cabernet sauvignon. Als toetje een dame blanche met calvados, schat ik. Na ene begrafenis is het altijd goed Friesch tafelen.
Geplaatst door: Adriaan Krabbendam | 4-11-06 om 0:03
ach Cor, maak je toch niet zo druk man. Met die canon komt het heus wel goed op den duur. De dames Meerburg en Bilker hoeven toch niet het laatste woord te hebben? Natuurlijk is het een oppervlakkig flutboekje, so what? Mijn advies: relax en zet een passend plaatje op: Strauss' Ein Heldenleben bij voorbeeld.
Geplaatst door: Guus Meijer | 4-11-06 om 9:40