Twitter

Facebook

Uitgeverij De Contrabas
Man zoekt bal van Sander de Vaan -- de voetbalbundel voor dit WK

Elders

24 augustus 2012

Koenraad Goudeseune en het probleem van de miskenning

Dichters voelen zich, bij voorbaat, miskend. Het doet er nu niet toe, of dit terecht is, maar als zelfs Hugo Claus, bij leven de grootste en bekendste Vlaamse dichter sinds Guido Gezelle of Karel van de Woestijne, teleurgesteld kan schrijven dat poëzie wordt geschreven `voor twaalf lezers en een snurkende recensent´, dan is er sowieso iets mis met het bereik van het genre.

De gemiddelde lezer leest geen poëzie. Sterker: de gemiddelde lezer zal het worst zijn, de poëzie. Daar kunnen we moelijk over doen (`crisis!´) of daar kunnen we in diepe berusting bij neerzijgen (`cultuurcrisis´), maar er is hoe dan ook - lijkt het wel - weinig aan te doen. Dichters hebben zich teruggetrokken in hun eigen reservaat, lezers hebben de dichters buiten hun systeem weten te krijgen.

Lees meer "Koenraad Goudeseune en het probleem van de miskenning" »

23 augustus 2012

Ik leef van hoop alleen

Een wrede wil, een hart dat met mij spot
in een beschroomde, engelzachte Vrouwe;
als haar hardvochtigheid mij blijft benauwen,
rest straks van mij een pover overschot.

Of de natuur nu bloeit of wordt beknot,
des nachts of als ik daglicht mag aanschouwen,
ik ween aldoor, met reden om te rouwen
om Amor, om mijn Vrouwe, om mijn lot.

Ik leef van hoop alleen, omdat ik weet
hoe een straal water zich door marmer vreet:
de druppel kan de hardste steen doorboren.

Geen wil zo kil dat niets hem warmen kan,
geen hart zo hard dat het de bede van
mijn liefdestranen koelweg aan kan horen.

PetrarcaIn de eerste vier regels ontvouwt zich een cultuur, en een vrouwbeeld, waar hier en daar nog aan gehangen wordt, maar wat niet meer bepalend is, dat wil zeggen: bepalend binnen onze cultuur. Deze dichter uit de veertiende eeuw schetst een vrouw, een Vrouwe, die beschroomd is, engelzacht - en die daarnaast beschikt over een wrede wil en een flinke dosis hardvochtigheid. Voor haar schrijft hij dit vers.

Natuurlijk zijn die vrouwen van alle tijden, maar er wordt geen poëzie meer voor geschreven. Over het algemeen schrijven ze die poëzie tegenwoordig zélf.

Lees meer "Ik leef van hoop alleen" »

22 augustus 2012

Het eerste gedicht (45): Hans van de Waarsenburg

Van de Waarsenburg-Schaduwgrens WBij telling bleek aflevering 45 van deze reeks te ontbreken. Daarom ga ik terug op een bundel die enige tijd verscheen, en wel Schaduwgrens van Hans van de Waarsenburg. Van de Waarsenburg is de laatste jaren vooral bekend als directeur van de Maastricht International Poetry Nights en beleeft met bundels als Azul (2006) en Wie hier nog komt een fase van `bezonken meesterschap´, zoals Simon Vestdijk dat noemde. Het eerste gedicht dat ik vandaag bespreek, komt uit de reeks `Consul´ en heeft geen titel:

In zweet gedrenkt, oksels als rivieren,
Loopt hij op versleten zolen naar de
Kroeg. Zijn rieten hoed stinkt aan de
Hoofdrand. De Consul ademt dorst.

En de dorstige Consul moet drinken,
Om de eer van het verlies te redden,
De dodendans te bevriezen, zijn
Geliefden te bezweren, bestelt

De Consul zijn dranken en drinkt
In mottige bars, waar urinelucht
Opstijgt uit de ondervloer. Gekakel

Van dolende kippen schampt tegen
Trommelvlies. De Consul legt zijn
Hoofd op de toog, opent zijn mond.

Lees meer "Het eerste gedicht (45): Hans van de Waarsenburg" »

Gerrit Komrij, nieuws

De Standaard meldt dat een klein gedeelte van de bibliotheek van de onlangs overleden Gerrit Komrij wordt geveild bij Bubb Kuyper. `De eerste greep zal zo'n 2.500 kavels bevatten. Het gaat in hoofdzaak om bibliofiele boeken, erotica en scatologie. Die laatste categorie is goed vertegenwoordigd en ook zeldzaam (Komrij schreef in 2006 een boek met als titel Kakafonie, een encyclopedie van de stront, red.).´

Cees van der Pluijm schreef voor de Gaykrant een column over Komrij. Hij schreef onder meer: `Wat maakt dat wij tegenwoordig zo snel iemand heilig verklaren? En waarom laten we diezelfde heilige na een paar maanden vallen als een baksteen? Het zal niet lang duren of de goegemeente durft het hardop te zeggen: Komrij was een lelijke man met een lelijke stem die lelijke stukjes schreef over domme mensen en zich als een vorst omringde met kwijlende adepten. En die handvol schitterende teksten die de eeuwen zal trotseren, die lezen ze dan al lang niet meer.´

Coen Peppelenbos noemde dit op zijn website Tzum een `trap na´, wat volgens mij berust op een verkeerde lezing van Pluijms column.

Op zijn weblog publiceerde Teunis Bunt een stuk over het toneelwerk van Komrij. In tegenstelling tot Van der Pluijm, die spreekt over `de mislukte romans en toneelstukken´, schrijft hij: `Ach, er staat zoveel moois en zoveel leuks in De stem van het water. Het zou mooi zijn als het weer eens ergens te zien zou zijn.´

Binnen een jaar in de kast verkruimeld

RainbowErgens in het midden van de jaren tachtig (of was het iets later, rond 1987?) liftte ik, met de redactie van het Nijmeegse literaire tijdsschrift (geen typefout) Tristan naar Amsterdam. We werden meegenomen door een man die in een adembenemend grote en luxueuze witte BMW of Mercedes reed. Type: joviale, gevoelige man. Het bleek de uitgever van de toen razend populaire Rainbowpocket-reeks te zijn, Maarten Muntinga.

Zijn uitgeverij, die goedkope, binnen een jaar in de kast vergelende en verkruimelende boeken uitgaf (Geen gewoon Indisch meisje van Marion Bloem sierde bijna een decennium alle boekenplanken van alle studerende of bijna-studerende meisjes), pockets genaamd, destijds een redelijk onbekend fenomeen in de Nederlandse boekhandel, liep blijkbaar vrij goed. Achteloos vertelde Muntinga dat hij de auto net had overgenomen van Laurens Geels. Een uitgever die de auto van een filmproducent overnam, - het moest toch niet veel gekker worden. 

Na de voorspoedige rit wisselde de redactie en de uitgever enige publicaties uit. Misschien heeft hij de nummers van Tristan nog. Al zou me dat verbazen... Bij het lezen van het faillisementsnieuws over Rainbow dacht ik even aan die aardige man, in die voor een uitgever misschien net iets te grote auto, die we, nadat hij ons op de Kennedylaan had afgezet, zagen wegzoeven, de grote stad Amsterdam in.

21 augustus 2012

De Contrabas, zeven jaar

Een jaar of vier geleden had ik de dood van Willem G. van Maanen meteen in een berichtje gevat. Niet omdat ik zo'n liefhebber ben van 's mans werk (ik ken het nauwelijks), maar omdat ik elk nieuwsfeit uit de letteren interessant vond. Na zeven jaar persberichten lezen, na zeven jaar dode schrijvers en dichters zien voorbijtrekken en na zeven lange, lange jaren de laaiende emails van heetgebakerde dichters te hebben gelezen, is dat een beetje over.

Literair nieuws is aan inflatie onderhevig, zeker op het web. Elk artikel dat waar dan ook online is gezet middels een link wereldkundig maken, het is bloggen op oud-digitale wijze, maar nieuws maak je er niet mee. Prijzennieuws? Het is over het algemeen geen nieuws. Dode schrijvers? Laat ze vergeten blijven, wat ze voor hun dood trouwens meestal al waren. Recensies? Ze zijn geen nieuws, maar informatievoorziening (als het interessante recensies zijn).

Lees meer "De Contrabas, zeven jaar" »

20 augustus 2012

De Contrabas, bijna zeven jaar (3)

Morgen bestaat dit weblog 7 jaar. Volgens Prof. Dr. Wiel Kusters, drager van de versierselen horend bij de pauselijke onderscheiding Pro Ecclesia et Pontifice en al dertig jaar lid van de Ridderorde van het Heilig graf van Jeruzalem, is dat weinig. Want, immers: De Gids en DWB bestaan al langer. Lees het maar even na.

Zeven jaar als redacteur van één blad, op internet, is wel degelijk lang. Al die bladen waar Wiel op doelt, zijn ook niet al die decennia gemaakt door dezelfde mensen... en ik zeg het Wiel na: voor mijn zegenrijke werk zou best eens een prijsje voor mogen worden vrijgemaakt. Als zelfs Perdu al een prijs kan krijgen (toegekend door een commissie waarin ex-perdist Yra van Dijk zetelt, maar dit terzijde), dan is een prijs voor dit weblog wel het minste.

Lees meer "De Contrabas, bijna zeven jaar (3)" »

Huub Beurskens pal voor het recht op vrije techniek

Vroeger was het eenvoudig. Je maakte een stapel van de boeken met een jou onwelgevallige inhoud, voegde er wat aanmaakhout aan toe, hield er een vlammetje bij... en wég waren de boeken. De auteur, als die niet was verdwenen, of gevlucht, kon er desgewenst aan worden toegevoegd. Voor het effect.

In Nederland is deze praktijk uitgestorven, al zijn er nog steeds genoeg methodes om de inhoud van geschriften die niet bij het gemiddelde-gemiddelde horen aan het zicht te onttrekken. Het spijt me dat ik ga zeggen, wat ik nu ga zeggen, maar organisaties als het Letterenfonds, het Letterkundig Museum en de Jan Campert Stichting zijn als het ware bedoeld om het gemiddelde te celebreren, en het niet-gemiddelde uit te sluiten.

Op internet, of beter: op het web, ligt dat allemaal een beetje lastiger. Het grote gevecht binnen, bijvoorbeeld, het Letterenfonds, zal worden uitgevochten op dat terrein, en de strijd zal (bij gelijkblijvende voorkeur voor het gemiddelde) bij voorbaat een verloren strijd zijn. De strijd, want ja, dat is het, binnen de literatuur is er een tussen het gladde gemiddelde en het ruwe, ongepolijste, - het literaire.

Enfin.

BeurskensOndertussen heeft Huub Beurskens, niet voor niets afkomstig uit het dorp waar men de Passiespelen naspeelt, een verrassende oplossing gevonden... je kunt... ja, je moet het even lezen om het te kunnen geloven, onwelgevallige sites (die je dan consequent niet bij de naam noemt, en met een tsunami aan flauwe scheldwoorden overlaadt) gewoon... blokkeren...

Gewoon niet kijken is blijkbaar geen optie, nee, Huub moet zich tegen zijn eigen F5-woede beschermen. Dat is eervol, voor deze website, en dat geeft een inkijkje in het OCD-gedrag waar hij blijkbaar onder lijdt. Ik heb met hem te doen... nee, toch niet. Maar leuk is het niet. Voor niemand.

Huub Beurskens tovert het recht op vrije techniek uit de hoge hoed, zoals een inquisiteur een vonnis uit zijn hoed kon toveren. Het worden gezellige tijden.

19 augustus 2012

Piet Gerbrandy: poëziekritiek in de lage landen

Rutger Cornets de Groot (die met onderstaande beschouwing zijn eerste bijdrage aan De Contrabas levert, alleszins een plechtig moment) las een recensie van Piet Gerbrandy, verschenen in De Groene van deze week, helaas niet online te lezen. Gerbrandy `schreef´ over de nieuwe bundel van Samuel Vriezen, verschenen in de reeks halverwege chapbooks. Informatie over Vriezens bundel vindt u hier.

Als ik stukjes zou schrijven zoals Piet Gerbrandy zijn poëzierecensies schrijft, dan zou ik ongeveer op de volgende manier beginnen:

'Poëzie wordt maar weinig gelezen, en nog minder verkocht. Niettemin valt er in die enge wereld nogal wat prestige te behalen waarmee je ook in de wereld daarbuiten indruk maken kan, op je meisje bv of op je moeder. Een van de manieren waarop je aan prestige wint, is als je door mij besproken wordt. Niet omdat ik uitblink in scherpe dan wel subtiele analyses, maar omdat ik het al zo lang doe en omdat ik klassieke talen heb gestudeerd. Dat laatste is altijd een aanbeveling, zoals ook de in alle opzichten klassieke Ilja Pfeijffer weet.
Wie Samuel Vriezen is, wist buiten de poëzie en de muziek eigenlijk niemand. Maar nu ik in De Groene Amsterdammer van deze week een volle pagina aan een veredelde print-on-demand-uitgave van hem wijd, staat hij ook voor ons op de kaart.'

Men ziet het procedé: het gaat bij Gerbrandy van buiten naar binnen. Hij deduceert, dat wil zeggen dat hij vanuit het algemene conclusies voor het bijzondere trekt. Let er maar eens op: hij begint steevast met een algemene beschouwing over een zeker verschijnsel. Dan vult hij het aldus geschapen kader verder in. Het is een nogal angstige, paranoïde methode: hij wordt niet door een bijzonder verschijnsel getroffen om daar voor de rest van de wereld conclusies uit te trekken – wat je toch zou verwachten als je wil weten wat poëzie überhaupt voor de wereld te betekenen heeft – maar bakent eerst de grenzen af en zoomt dan van bovenaf in. Zo weet hij zeker dat er niets kan ontsnappen. En zo verandert hij een creatief proces in een invuloefening.

Lees meer "Piet Gerbrandy: poëziekritiek in de lage landen" »

18 augustus 2012

Over The Smiths, en Rob van Essen

Op Facebook is iedereen naar Lowlands. Ik ben daar nooit geweest. Wel vroeger naar Pink Pop. Over dat festival, waar je altijd depressief of met een astma-aanval vandaan kwam, las ik gisteren een paar bladzijden die de lamlendige sfeer aldaar meteen terug in de herinnering brachten. Ze staan in de mooie roman Engeland is gesloten van Rob van Essen (helaas niet meer nieuw verkrijgbaar).

In de roman gaan een paar hoofdpersonages naar een optreden van The Smiths, dat niet doorgaat (want bijna alles in de jaren tachtig ging niet door). De band met de `rinkelende gitaren´, zoals Van Essen het omschrijft, neuzelde in die jaren in menig studentenkamer: het was prettige, zeer melancholieke en ook wel een beetje fijne muziek. (Ik heb ze nog op lp).

Op zijn weblog herpubliceert Van Essen een artikel over popmuziek, waarin de heren van The Smiths ook voorkomen. `Popmuziek is het perfecte medium voor de twijfels, het zelfbeklag en de grootspraak die passen bij de puberteit, maar bij volwassenen al gauw iets potsierlijks en onvergeeflijks krijgen. Ik wil niet beweren dat popmuziek alléén maar zelfbeklag en bravoure uitdrukt, maar het is er wel heel erg voor gemaakt. Dat het genre inmiddels volwassen zou zijn geworden, geloof ik niet.´

In een eerder blogbericht schreef hij: `Ik ken al hun teksten nog, dacht ik, maar opeens haperde ik: to die by your side, is such a pompompom way to die… Heavenly, vulde Brugloper aan, maar daar ging het niet om, het ging erom dat ik die regel niet meer feilloos in mijn hoofd had. Dat was nog eens goed nieuws! Eindelijk raak ik die teksten kwijt. Ik moest er bijna vijftig voor worden.´

r

Uitgeverij De Contrabas
Das Haus am Salzhof. Pension in Brandenburg a/d Havel, dichtbij Berlijn. Vanaf 10 augustus 2013.

Cookies

De Contrabas maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie Zie hier
.

september 2014

ma di wo do vr za zo
1 2 3 4 5 6 7
8 9 10 11 12 13 14
15 16 17 18 19 20 21
22 23 24 25 26 27 28
29 30          

Colofon

Redactie: Chrétien Breukers. Reacties onder eigen naam of dichters- pseudoniem zijn zeer welkom. Anonieme of niet ter zake doende reacties worden verwijderd.

Pageviews


Sinds 21 augustus 2005

Categorieën