Vorig jaar verschenen, voor zover Rottend Staal en de Contrabas dat konden nagaan, 130 bundels bij reguliere uitgeverijen. Van die 130 bundels zijn er – schat ik – 65 waarvan het aantal verkochte exemplaren de 300 overstijgt. Een aantal bundels zal, de goede bedoelingen van uitgever, boekhandel en auteur ten spijt, heel slecht zijn verkocht.
Dat ligt niet (altijd) aan de kwaliteit van de bundel. Waar dan wel aan? In mijn vorige stukje over deze kwestie ging ik ongefundeerd en tendentieus te keer tegen de Flauwe Logschrijver (wat mij nog heel wat elektronische post opleverde, van mensen die mij ontrieden en zelfs verboden om die kritiek op de schrijver te uiten, daarbij redenen gebruikend die uiteenliepen van 'het is een aardige jongen' tot 'hij kan wel wat'; en inderdaad, hij is een aardige jongen), wat de discussie enigszins dreigde te vertroebelen; daarvoor, voor dat vertroebelen, mijn excuses.
Volgens mij is de zaak waar het mij om gaat als volgt samen te vatten: er verschijnen heel wat bundels in Nederland en Vlaanderen. Dat is een goede zaak; zonder bundels geen poëtisch... klimaat (sorry). Helaas lopen de gedrukte media achter in het kritisch begeleiden van deze productie, maar er wordt op internet (Poëzierapport, Meander, Literair Nederland, de Recensent, 8weekly, enz.) driftig gewerkt aan het inhalen van de ontstane achterstand. En natuurlijk is er, nog altijd, de Poëziekrant.
Sinds ik mijn werkzaamheden als poëzieredacteur begon, begin 2004, valt me tegelijkertijd op dat veel dichters (de goeden niet te na gesproken) nooit een dichtbundel kopen, zelfs niet van hun directe collega's. Veel dichters zijn daardoor slecht op de hoogte van wat er in de 'poëziewereld' (andermaal sorry) speelt; zelfs 'klassieke' dichters laten ze links liggen.
Een en ander heeft geen gunstig effect op de kwaliteit van hun werk, via een wat ruime bocht, maar dat zijn vaak de mooiste; dat heeft weer effect op het algemene niveau van de Nederlandstalige dichtkunst, waardoor de verkoopcijfers stagneren, waarmee we weer terug zijn bij het begin.
Stel nu, dacht ik onlangs, stel dat de dichters zélf weer eens wat meer betrokkenheid zouden krijgen bij wat hun collega's doen... Stel dat er een manier is om, laag inzettend, 70 mensen zo ver te krijgen dat ze een bundel die gaat verschijnen ook echt kopen. Dat is geen enorm aantal. Maar zo'n aantal helpt wel om het boek in het begin verspreid te krijgen en is een welkom tegenwicht voor de aantallen die een aanbiedingsronde bij de boekhandel vaak opleveren.
Natuurlijk zijn er meer manieren te bedenken – sponsoring, subsidie – maar wat 'de poëzie' (ten derde maal sorry) de komende jaren vooral nodig heeft, is... (even de tanden op elkaar... zeg het nu maar gewoon...) betrokkenheid. De dichterswereld is klein en verdeeld, en het kunstmatige onderscheid tussen 'goede' dichters en dichters die er 'niet toe doen' (een onderscheid dat in sommige kringen en door sommige uitgeverijen wel degelijk wordt gemaakt) is onvruchtbaar.
Oh ja. ACG Vianens bundel zal verschijnen: de kaap van de 70 inschrijvingen is gerond.
Wordt vervolgd, met nog meer positieve suggesties! En met meer aandacht voor de suggesties van Hans Kloos en Dirk Vekemans onder het eerste bericht.
Laatste reacties