« september 2007 | Hoofdmenu | november 2007 »

oktober 2007

31-10-07

Exorbitans in Perdu

En voort maar weer door de vetlagen van het heelal,
tot we tenslotte bij een hemelkwadrant
uitkomen, waar we nieuwe vormen van leven
hopen te kunnen waarnemen. Exorbitans
verbreedt haar greep op de stuwingen in het duister.
Nog een enkele zindering, en de sluier
van de werkelijkheid stolt om haar kap.

Exorbitans is een van de opmerkelijkste gedichten van de laatste jaren. In ruim 1200 regels verhaalt het de reizen van het gelijknamige ruimteschip langs vele uithoeken van het heelal, waar haar bemanning vele ons onbekende en vaak nauwelijks voorstelbare wezens ontmoet: filosoferende kometen, wezens met uitneembare ziel en een ras van scheppers dat te werk gaat volgens de principes van de supersnaartheorie. Zelden werd de Nederlandstalige poëzie bezocht door zoveel pretentie.

Nu gaat Han van der Vegt, met een gezelschap muzikanten en acteurs, Exorbitans integraal op het podium brengen. Een avondvullend programma, waarin belangrijke vragen die iedereen bezighouden eindelijk worden beantwoord. Wat is de oorsprong van de menselijke intelligentie? Wat gebeurde er met Jezus na zijn Hemelvaart? En hoe krijgen wij toegang tot andere universa?

Vrijdag 2 November 2007, Exorbitans; met: Han van der Vegt, Michael Brijs, Jan Frans van Dijkhuizen, Sasker Scheerder, Filip Vandebril, IJbert Verweij en Thomas Vets; aanvang: 20.30 / zaal open 20.00; entree € 6 / € 5; bij: Perdu, Kloveniersburgwal 86, Amsterdam.

Het libretto van al dit fraais is nog steeds bestelbaar...

Pierre Janssen overleden?

'Rotterdam, woensdag - Ik hoor dat Pierre Janssen zaterdag is overleden. Het bericht komt uit een bron die het zou kunnen weten, maar ik heb het (nog) niet bevestigd kunnen krijgen. Pierre Janssen wordt volgens mijn bron in stilte gecremeerd.' Lees verder op Het Vrije Volk >>

Website stadsdichter Eindhoven

Arnoud Rigter, stadsdichter van Eindhoven, laat weten: 'Het heeft even geduurd, maar hier is hij dan toch: mijn stadsdichtsite: www.doorzin.nl/stadsdicht' Het is een fraai werkstuk en de tot nu toe gepubliceerde stadsgedichten zijn de moeite van het lezen waard. Allen daarheen, dus. Waarheen? Nou, daarheen >>

Daf

Nooduitgang

Ooit woonde ik in een heel kleine studentenkamer (2x2,5), gelegen op een tussenverdieping, naast een (gezamenlijke) toiletruimte. Boven de deur hing een bordje: 'Nooduitgang'. Dat gaf veel komisch-achtige verwarring. Want als mensen die niet wisten dat mijn kamertje mijn kamertje was mijn deur passeerden – en een tussenverdieping wordt redelijk vaak gepasseerd, en in het toilet moet menigeen wel eens zijn – dacht een niet onaanzienlijk deel van die mensen, bij dag en bij nacht: 'Hé, de nooduitgang, eens kijken wat er achter die deur te zien is.' Achter die deur was ik dan te zien, omringd door mijn wrakkige meubilair, in de bijna-kleinste maar ook veiligste kamer van het huis. Je raakte eraan gewend, maar écht leuk werd het nooit. Of het dikke touw dat mijn kamer tot nooduitgang maakte en dat vanaf de onderkant van mijn raamkozijn naar beneden hing echt geschikt was om levens te redden? Gelukkig hebben we dat nooit hoeven te proberen, toen ik daar woonde.

Lees over studentenhuizen, veiligheid en literatuur Rob Schouten, in de Trouw >>

Didi de Paris on Jack Kerouac

Announcing the new release from Published in Heaven Books: Reflections upon the 50th anniversary of Jack Kerouac's On the Road (edited by Ron Whitehead & Robert M. Zoschke); featuring poems stories essays photos by 44 contributers including Lawrence Ferlinghetti, Christopher Felver, Carolyn Cassady, David Amram, Anne Waldman, Gerald Nicosia, Norbert Blei, t. Kilgore Splake, Olafur Gunnarsson, Paul K, Steve Dalachinsky, Yuko Otomo, Casey Cyr, Ed McClanahan, Frank Messina, Theo Dorgan, Mike Watt, Rinaldo Rasa, Didi de Paris, Steve Cannon, John Rocco, Charlie Newman, Michael Madsen, Dean McClain, John Ventimiglia, Jerry Kamstra, Sarah Elizabeth & more!

30-10-07

Pat Donnez - Het is een mooi leven (zolang je niet bestaat)

DonnezPat Donnez (1958) is een late roeping in de poëzie; en wat mij betreft had hij die roeping best onbeantwoord mogen laten. Het begint al met de achterbinnenflaptekst: '(...) Donnez is een mediamens die bekend werd met programma's zoals Piazza en Titaantjes.' Lees de rest van deze recensie in de Kleine Zaal >>

29-10-07

Mini-interview met Wouter Steyaert

FotowouterWouter Steyaert (Gent, 1982) studeert farmacie en biotechnologie. Hij publiceert poëzie in verschillende literaire tijdschriften (bijv. Gierik & Nieuw Vlaams Tijdschrift, Krakatau en Ballustrada). Zijn gedichten werden meermaals bekroond, onder andere in de Basiel de Craeneprijs en de Literaire Prijs van de stad Harelbeke. In 2007 won hij de HC-trofee schrijfwedstrijd.

Lees verder in de Kleine Zaal >>

28-10-07

Prijs voor Noëlla Elpers

Tijdens de Nacht van de Geschiedenis op 20 oktober, werd in Amsterdam bekendgemaakt dat de Thea Beckmanprijs 2007 naar Noëlla Elpers gaat voor haar boek ¡Dolores! Lees het hele bericht op Brakkehondblogt >>

Zondagmiddag, nee avond, met Poolijs (2)

IjsbeerNa terugkomst vanavond las ik de recensie die Willem Thies voor Poëzierapport heeft geschreven over Lasters poëziedebuut Vouwplannen. Hij concludeert: 'Toch dient gezegd: Ruth Lasters kán dichten, zij is vaardig, verstaat haar vak, dicht in een eigenzinnige en gedurfde stijl. Ik vang daar een glimp van op. Maar de storende elementen overheersen. Zij wil te zeer filosoferen. En zij wil te zeer ideeën voor kunstwerken presenteren, in een poëtisch jasje gestoken.'

Lees verder in de Kleine Zaal >>

Zondagmiddag met Poolijs (1)

PoolijsMijn column van onlangs indachtig, heb ik geprobeerd Poolijs, de debuutroman van Ruth Lasters, te lezen. Het is mij, laat ik dat meteen verraden, niet gelukt om alle bladzijden te lezen. Daarvoor is deze roman mij net iets te... literairachtig.

Lees deel 1 van de zondagmiddagoverpeinzing, in de Kleine Zaal >>

27-10-07

Vanavond Wim Helsen op NL 3

Vanavond op Nederland 3: Wim Helsen, met Bij mij zijt ge veilig. Hieronder: een ouder werkstuk van Helsen:

'Dichterlijke dialoog'

Maak een vers van 160 tekens;
ontdoe het van levende taal;
regel één die heet Cerutti;
regel twee heet Dee;
treur maar treur niet lang;
de wisknop is nooit ver.

Zie ook deze website >>

Breukers Bromt: Brouwers

Jeroen Brouwers is een groot schrijver, met een rijk oeuvre. De Taalunie heeft hem voor dat oeuvre willen belonen met de Prijs der Nederlandse Letteren. Brouwers accepteerde deze onderscheiding eerst wel, en toen, nadat het prijzengeld niet werd opgetrokken tot voor hem acceptabele hoogte, weer niet. Resultaat: een publiciteitsbombardement waarin diverse 'stemmen' (inclusief die van 'het volk', op de website van de Telegraaf) door elkaar heen kakelden.

Lees verder in de Kleine Zaal >>

26-10-07

Gedicht van de week - Sieger M.G.

Voor mensen met vleugels
In Memoriam - Franz Reichelt
(† Parijs, 4 februari, 1912)

Voorzichtig stikt een jonge kleermaker
zijn naden dicht. Buiten giert de wind
en trekt krachtig aan de luiken.

'Onze schepper heeft ons geen veren
toebedeeld, we vliegen met ons weten.'
fluistert hij tussen zijn lippen door.

Op tafel flakkert een kaars, werpt
vreemde schaduwen op de muren.
Mans handen vormen een vogel,

waar hij tegen spreekt. 'Mijn liefste,
op een dag zullen we samen zijn.
Dan weet ik waarheen je wilt gaan.'

Maar de vogel zegt niets en verdwijnt
als man zijn vingers strekt, vuisten balt
en naar boven kijkt. Naar de maan.

Voor hem ligt de edele huid, naakt
als een slak met een ragfijne sleep.
Man raakt het tere weefsel aan

en even leeft het onder zijn vingers.
Hij werpt het op in de lucht en kijkt
hoe traag geruisloos het zweeft

en uiteindelijk naar beneden komt.
Man knikt tevreden, laat een voldane
glimlach zien en klopt zich op de borst.

'Dit vel heeft een geraamte nodig.
Van hout en ijzerdraad moet het zijn.
En zo licht als een gedroogd blad.'

'Geen was. Vergeet veren. De zon is
te heet. Zal doen smelten. Mij verteren. 
De rode bol, de hel aan de hemel.'

Ochtend werd het en de nachtmist
hing nog laag boven de grond toen
hij zijn gereedschappen neerlegde.

In zijn kamer staat nu een krachtig
torso, te vragen om een vlucht.
'Dit lichaam heeft een leven nodig.'

Behoedzaam steekt man zijn armen
in de mouwen en beweegt ze met
slagen. 'Ik ben de vleermuis, noem me

de vogelman.' Bijna groeit er een staart
uit hem. In zijn binnenste zet een
adelaar scherpe klauwen in zijn hart.

De volgende dag is heel de stad uitgelopen.
Notabelen schudden hem de hand.
Iedereen prijst zijn vinding. Hij straalt.

In de verte boven de daken en de rokende
schoorstenen, het baken van Parijs,
de Eiffeltoren, de trap naar de wolken.

Van hier is de weg niet ver. De treden
omhoog. Naar het licht toe. Zo overziet
hij het doolhof van poorten en huizen.

Beneden laten fotografen lichten flitsen
en kleermakers ogen worden groter,
hij smaalt. Zwemt in de zee van faam.

Onder zijn arm wiegend de slappe pop die
de eerste vlucht zal maken. Hij legt haar,
ware het een slapend kind, voorzichtig neer.

Op de rand staat hij nu zelf. Zijn pose
een bliksemschicht. De spreeuwen,
hoog boven hem, kwetteren ongeduldig.

Kleermaker wil flirten met de wind,
haar ten dans vragen. Kijk, ze geeft
hem plagerig kleine duwtjes in zijn rug.

Hij kijkt trots, vastberaden en aarzelt niet
voordat zijn lichaam met een doffe dreun
de aarde raakt en hij naar de sterren springt.

   

Sieger M.G.

'Voor mensen met vleugels' van Sieger M.G. is de 48e bijdrage die in het kader van het project 'Gedicht van de week' op de Contrabas is geplaatst. In totaal zullen 52 dichters, die minstens één bundel bij een reguliere uitgeverij hebben uitgebracht, worden uitgenodigd om een nog niet eerder in digitale of gedrukte vorm gepubliceerd gedicht op de Contrabas te plaatsen. Dit project wordt mogelijk gemaakt door steun van het Lira Fonds.

Sieger M.G. (1979) schreef de bundels 'De tonen van replica' (1999), 'Straatvluchter' (2002) en 'Schaduwvechter' (2006).

God & Allah

Het verschil tussen God en Allah is dat God niet hoeft te bestaan. De dood van God is niet per se rampzalig voor de westerse beschaving; maar de ondergang van de religie is dat naar ik meen wel: met haar sterft een wereld van verhalen en gebruiken die ons met onze voorouders verbindt. Mijn ergernis over de godloochenaars is niet dat ze God loochenen, maar dat ze hun verlichte toestand als een bevrijding uit de joods-christelijke geschiedenis beschouwen.

Lees de hele beschouwing van Benno Barnard in Opinio >>

Brouwers' Prijs: Anciaux, Mortier en Van den Bergh

'Brouwers is volgens Anciaux te veel in de hoek geduwd van een schrijver die meer geld wilde zien, terwijl hij een punt heeft dat het bedrag in overeenstemming moet zijn met het prestige van de prijs. Hij heeft de strijd nog niet helemaal opgegeven. "Misschien vind ik nog wel een oplossing." Dat verklaarde hij eerder vandaag ook tegenover Bart Dirks van de Volkskrant: "Zoals onze topsporters nooit meer in de miserie mogen zitten als ze eenmaal een Olympische medaille hebben gewonnen, moeten we ook onze kunstenaars van topniveau steunen. Ik broed ergens op en ik vind wel iets." Minister Plasterk heeft nog niet willen reageren.' Lees het hele verhaal op Boekbalie >>

Jeroen Brouwers trekt deze week aan de alarmbel. Hij doet dat zoals hij het altijd gedaan heeft: met een scherpte van tong en pen die het Nederlands laat vonken en spetteren. Deze grote schrijver hoopt op een zorgeloze oude dag, vaak de levensperiode waarin de muze een kunstenaar tot zijn beste werk weet te verlokken, zonder nog langer op zijn knieën te moeten gaan bedelen bij het Fonds voor de Letteren. Hij had gehoopt dat de Prijs der Nederlandse Letteren hem in één klap van alle gemodder en geploeter zou verlossen. Dat is niet het geval. Lees verder op de website van Erwin Mortier >>

Wat een treurige en beschamende vertoning dus, deze weigering. Je krijgt een cadeautje, en in plaats van te bedanken, klaag je over het te ontvangen bedrag. Het ergste was nog wel de kruiperige reactie van de Vlaamse cultuurminister Bert Anciaux, die het prijsbedrag ook opeens wel erg laag vond, en zo de winnaars van de afgelopen 15 jaar nog een subtiele trap na gaf. Lees het hele redactionele commentaar van Thomas van den Bergh op de website van Elsevier >>

Het boek is beter dan de vrouw

Uitgeverij Atlas laat weten:

GoudeseuneZonder veel geschreven te hebben, was ik twintig jaar schrijver. In die twintig jaar was er genoeg voorgevallen om een autobiografische roman mee te kunnen vullen. Alleen al met wat er in die tijdspanne niet was voorgevallen, succes namelijk, was ik vele hoofdstukken zoet. Dat was dan ook de kritiek op mijn eerste roman. Kritiek van een beroemde schrijver. In mijn roman noemde ik die beroemde schrijver ‘mijn leermeester’. Hij kwam er vaak in voor. ‘Allicht te vaak,’ schreef hij me in een brief. ‘Het maakt mij verlegen.’ Als hij mijn eerste roman een lor zou hebben gevonden, dan had ik het manuscript vast nooit naar mijn uitgever gestuurd.

Toen ik op een morgen de post op de vloer in de gang hoorde vallen, verliet ik halsoverkop en met een halve boterham tussen mijn kaken de ontbijttafel. Wuivend met de brief waarop in fijne zwarte stift mijn naam en mijn adres in een uit duizend te herkennen handschrift stond gekalligrafeerd, nam ik opnieuw plaats. ‘Van hem,’ zei ik.

In Het boek is beter dan de vrouw schrijft Koenraad Goudeseune brieven aan zijn vrienden, medeliteratoren, vriendinnen, uitgever (en aan de hoofdredacteur [a.i.] van jullie favoriete website, CB). Hij vertelt daarin over alledaagse voorvallen, zijn strijd met de literatuur, zijn afkeer van de dagelijkse sleur en drinkt daarbij af en toe wat bier. Een enkele keer wat meer. Doorspekt met anekdotes, openhartige verslagen van nachtelijke escapades en de eeuwige zoektocht naar erkenning en liefde is Het boek is beter dan de vrouw de neerslag van een jaar uit het leven van een worstelende schrijver. Zie ook het weblog van Koenraad Goudeseune bij Het boek is beter dan de vrouw

25-10-07

Wegens herfstvakantie vandaag gesloten

Herfst

24-10-07

Dé Nederlander bestaat

’Dé Nederlander bestaat wel en zijn naam is Jeroen Brouwers.’ Lees Ephimenco, in de Trouw >>

Dichters luiden Wolkers uit

F. Starik doet ook niet-eenzame uitvaarten. Vanavond luidt hij in ‘Met het oog op morgen’ tussen 23 & 24 uur Jan Wolkers uit, die vanmiddag ‘onder massale belangstelling’ werd weggebracht. Starik zal een speciaal voor de gelegenheid gecomponeerd in memoriam-gedicht zeggen. Net als Driek van Wissen, Ingmar Heytze en Remco Campert.

Chabot krijgt Johnny van Doornprijs

De Johnny van Doornprijs voor de Gesproken Letteren gaat dit jaar naar de dichter-performer Bart Chabot, overigens de eerste literaire onderscheiding die de veelpoot uit Den Haag op zijn naam kan schrijven. De Johnny van Doornprijs is in het leven geroepen door het groots opgezette literatuurfestival De Wintertuin, dat zijn beslag vindt in Nijmegen en Arnhem. Lees verder op De Papieren Man >> en, vooral, bij Liesbeth van Dalsum >>

23-10-07

Kindjes die vragen, weigeren zelf...

Jeroen Brouwers hoeft de Prijs der Nederlandse Letteren al niet meer. Dat staat in de Telegraaf. Ik citeer: 'Brouwers vindt het bij de prijs horende geldbedrag te laag. De hoogte van de   driejaarlijkse letterenprijs van de Nederlandse Taalunie is 16.000 euro. De weigering betekent dat de prijs dit jaar niet wordt uitgereikt. Brouwers had om verhoging van het bedrag gevraagd. Dat zou het eerbewijs volgens hem passender maken. Het Comité van Ministers van de Nederlandse Taalunie sprak daarover maandag en besloot vervolgens de per reglement vastgestelde som te handhaven.' Het is toch wat... die auteurs van tegenwoordig kun je ook nergens meer blij mee maken! En net nu, nu de Vlaamse Auteursvereniging en de Vereniging van Letterkundigen uit hun langdurige dommel waren ontwaakt... Op Brouwers' website staat: 'Jeroen Brouwers heeft besloten de Prijs der Nederlandse Letteren te weigeren. Nader commentaar volgt.'

Verslag van een onaanvaarde dood

'In ieder leven vinden drama's plaats. Geliefden worden gek en beroven zich van het leven, kanker en Alzheimer slaan toe, er breekt oorlog uit of een vloedgolf vaagt je woning weg. Dat is allemaal heel erg, maar vreemd genoeg slagen de meeste mensen erin na een periode van verdriet de draad van hun leven weer op te pakken, sadder and wiser. Je moet ook wel, want je omgeving krijgt na een paar maanden genoeg van je gezeur.' Dit schreef Piet Gerbrandy, niet in zijn testament, maar in een recensie die de Volkskrant ergens in 2004 publiceerde. Lees verder op Poëzierapport >>

Beplog genomineerd

"Ik ben er erg gelukkig mee. Maar het feit dat ik genomineerd ben voor het Beste Nederlandse Blog toont wel aan dat er een armoede bestaat onder goede bloggers in Nederland." Aldus beplogster Merel Roze, volgens BoekenNieuws genomineerd voor een BOB (Best of Blogs). Arm Nederland, inderdaad; nu denken ze in het buitenland misschien dat Merel Roze een weblog heeft... In de jury van die BOB's zit voor Nederland Henk Blanken. Hij zal deze nominatie toch niet op zijn geweten hebben? Zeker niet als je in zijn profiel op de BOB-site leest: 'He favors a revolution in Journalsim to move blogs into the mainstream of media.' Of je moet mainstream wel heel breed opvatten, uiteraard.

Wat bezielt Nina Targan Mouravi

Naar aanleiding van dit bericht en deze korte impressie, staat er nu, bij wijze van achtergrondinformatie, een interview (uit 2005) van Thomas Möhlmann met Nina Targan Mouravi in de Kleine Zaal >>

Dutch Fiftiers vertaald en besproken

Nieuwsgierige Nederlanders konden zich vanwege hun briljante Engels altijd moeiteloos verdiepen in de Amerikaanse naoorlogse experimentele poëzie, maar nu kunnen Amerikanen dat ook met de onze doen: bij Green Integer verscheen zo'n anderhalf jaar geleden een bloemlezing met werk van de 'Dutch Fiftiers' in de reeks The PIP (Project for Innovative Poetry) Anthology of World Poetry of the 20th Century onder de titel Living Space. Het boek bevat werk van Remco Campert, Hugo Claus, Jan G. Elburg, Gerrit Kouwenaar, Lucebert, Sybren Polet, Bert Schierbeek, Paul Rodenko en Simon Vinkenoog.

John Taylor besprak deze bundel voor het tijdschrift The Antioch Review en was zeer enthousiast:

'Living Space is one of the most exciting anthologies that I have ever read. It is full of compelling, funny, unsettling, challenging and formally innovative poems that should deeply impress English readers, though for the Dutch this provocative writing indeed springs from over a half-century ago,' zo begint zijn recensie. Heeft een Amerikaan een heel andere kijk op onze literatuur dan wij zelf? Over alle dichters in het boek schrijft hij wat, maar bij Lucebert houdt hij het bij de mededeling dat die ook schilder was. En dat heeft eigenlijk wel wat, een keer zo’n artikel over vernieuwende nederlandstalige poëzie zonder dat Lucebert er heilig in wordt verklaard.

(Taylors hele recensie staat hier >>)

© Samuel Vriezen, 22 oktober 2007

22-10-07

Armando Museum verwoest

In het Armando Museum in Amersfoort woedt maandagmiddag een grote brand. Het museum is gevestigd in de negentiende-eeuwse Elleboogkerk aan de Langegracht. De brand ontstond rond half twee. De omgeving rond het gebouw is afgezet.

(...)

De directeur van het Armando Museum, Gerard de Klein, denkt dat de hele collectie van het museum verloren is gegaan. 'Het is zwaar klote. We staan hier in elkaars armen te huilen." Op het moment dat de brand uitbrak was er niemand in het museum. Toen de medewerkers door de brandweer werden gewaarschuwd, mocht niemand het pand meer in.'

Lees het hele verhaal op nu.nl >>

 

Revolver over Hadewych

Het literaire tijdschrift Revolver heeft zijn nieuwste nummer 135 geheel in het teken gesteld van de dertiende-eeuwste dichteres Hadewych, de 'geheimnisvolle schrijver', aldus samensteller Hans Groenwegen. Achtentwintig dichters mogen reageren via een gedicht, prozagedicht of brief op een lied, visioen of brief van Hadewych, nu vermaard dichteressenicoon, destijds wellicht een leidende figuur in een begijnengemeenschap.

Lees verder bij de Papieren Man >>

Esther Jansma over poëzie in de Trouw

'Poëzie is voor mij een meisje van negen met kortgeknipte haren. Bleek, rommelig en volstrekt niet verheven is zij giechelend, wreed, radeloos en af en toe grandioos verveeld op zoek naar gedachten die het doen. Ze is een halve wees in een straat vol afkeurende moeders en laat onder haar regencape haar onderbroek zakken. Ze ligt in bed en snuit haar neus in de lakens, want zulke prinsessen bestaan, dat heeft ze gelezen. Iedereen schreeuwt en zij ligt op haar buik voor een kijkdoos en doet of ze weg is. Poëzie is haar honderdduizend deurtjes uit de werkelijkheid.' Lees het hele essay ('dit is het   eerste, ingekorte deel van een serie van drie lezingen die zij verzorgt als   gastschrijver aan de Rijksuniversiteit Groningen') van Esther Jansma in de Trouw >>

Fijlloos & zonder faut; jammer, pindakaas

Lees in de Trouw de instructieve column van Rob Schouten of Schauten >>

21-10-07

Breukers Bromt: sporen van Nelleke Bos

Meander is zich behoorlijk aan het verjongen. Onze collega's hebben daar een recensente uit 1980 aangetrokken, waarmee de gemiddelde leeftijd van de Meanderauteurs is gedaald tot 64 jaar. De recensente in kwestie heet Nelleke Bos. Haar cv-tje vermeldt dat ze neerlandica is en 'begeleider leeskringen'. Mooie beroepen, en zeker dat laatste is erg nodig: mensen met leeskringen kunnen een beetje begeleiding tijdens het uitzieken van deze hardnekkige kwaal best gebruiken. Zelf heb ik ook wel eens een beginnende vorm van leeskringen gehad, en zonder een liefhebbende verpleegster... maar dit verhaal kan ik jullie beter besparen.

Lees verder in de Kleine Zaal >>

Zondag: geen bloemen, maar geld

Jeroen Brouwers krijgt in november de hoogste literaire prijs, de door Nederland en België samen uitgereikte Prijs der Nederlandse Letteren. Eervol, inderdaad. Maar in interviews laakt Brouwers de hoogte van het prijzengeld, dat inderdaad archaïsch aandoet: 16.000 euro. Niet echt een bedrag waarmee iemand die een heel oeuvre bij elkaar heeft geschreven zijn pensioengat kan vullen.

Maar mijn oma, zaliger nagedachtenis, zei altijd als mijn broer en ik ergens om vroegen cq zeurden: 'Kindjes die vragen, worden hard geslagen' – en dan kreeg je een wats om je oren. Jeroen Brouwers krijgt geen wats, maar steun van De Vlaamse Auteursvereniging en van de Vereniging van Letterkundigen. Die steun heeft zijn neerslag gekregen in een druilerig epistel dat Erik Vlaminck, Koen Stassijns en Tom Naegels (de Billy Bragg van de Sinjorenstad, de man die zo warm kan schrijven over buitenlanders en racistische binnenlanders) namens de Belgen en René Appel namens de Nederlanders in elkaar hebben gezet. Het ding is gericht aan de ministers Anciaux en Plasterk en begint zo:

Ooit was de driejaarlijkse Prijs der Nederlandse Letteren een bekroning waar de laureaat trots op was. Deze staatsprijs, die wordt toegekend aan een volledig oeuvre, was de hoogste onderscheiding die een schrijver in ons taalgebied te beurt kon vallen. Hij wordt afwisselend uitgereikt door de Koning der Belgen en de Koningin der Nederlanden, die dat namens het hele volk doen. Herman Teirlinck was in 1956 de eerste laureaat, na hem kwamen onder meer Gerard Walschap (1968), W.F. Hermans (1977), Hugo Claus (1986), Harry Mulisch (1995), Gerard Reve (2001) en Hella Haasse (2004).

Ooit? Was? Namens het hele volk? Hé, hoh, hebben wij ergens iets gemist dan? Het ís toch nog steeds de hoogste onderscheiding? Die terecht is toegekend aan Jeroen Brouwers, omdat hij een groot en veelzijdig oeuvre bij elkaar heeft geschreven? Of is hij een laureaat die niet past in het door de Vier Musketiers opgestelde schrijven? Snel naar de tweede alinea.

De huidige laureaat, Jeroen Brouwers, die in november de Prijs krijgt uitgereikt, laat in interviews duidelijk blijken dat hij teleurgesteld is. Niet vanwege de Prijs die hem werd toegekend en waarmee hij zeer vereerd is, maar omdat het eraan verbonden geldbedrag allerminst de waardering van de Staat voor de schrijver en de literatuur in het algemeen uitdrukt. De Vlaamse Auteursvereniging en de Nederlandse Vereniging van Letterkundigen, de vakverenigingen van de auteurs in Vlaanderen en Nederland, treden Brouwers hierin bij. Wij vragen de ministers Anciaux en Plasterk om het prestige van de Prijs te herstellen.

Herstellen naar wat? Naar het niveau van 1956? Toen ontving Teirlinck een bedrag van 6.000 gulden, omgerekend nog geen 3.000 euro, ook toen geen bedrag waar je van flauwviel. Nee, dat zal niet de bedoeling zijn van de vier scribenten, die pas in de scribentenpen klimmen als een auteur begint de klagen in de krant. Wat misschien terecht is, maar niet chique. De beide verenigingen willen – na de klachten van Brouwers – dat het prijzenbedrag wordt opgetrokken, er onterecht van uitgaand dat prestige en prijzengeld synonieme begrippen zijn.

Misschien hadden de Vlaamse Auteursvereniging en de Nederlandse Vereniging van Letterkundigen zich de afgelopen jaren eens uit zichzelf druk kunnen maken over deze en andere geldelijke kwesties, het beroep auteur betreffende. Maar nee, zoals altijd is iedereen weer ná de oorlog in het verzet. En gaat het prijzenbedrag binnenkort omhoog naar, pak 'm beet, 50.000 euro (en verspreiden beide verenigingen een persbericht over hun 'overwinning'), wat nog steeds iets minder is dan de gemiddelde 'topbestuurder' incasseert als hij een paar obligaties verzilvert. Enfin. Genoeg! Ik ga de nieuwe roman van Brouwers eens lezen.

De hele brief staat hier (pdf!) >>

Christian Dotremont

Tn_dotremontDe Belgische, franstalige auteur Christian Dotremont (Tervuren, 1922 - Buizingen, 1979) is stichter en bezieler van de COBRA-beweging (1948-1951). Behalve dichter was hij romancier, kunstcriticus, beeldend kunstenaar en pamflettist. Hij debuteerde in 1940 met de dichtbundel Ancienne Eternité en publiceerde in 1946 Labisse, een boek over de Brusselse surrealistische schilder Felix Labisse (Brussel, La Boétie). In 1955 werd zijn enige roman La Pierre et l'Oreiller gepubliceerd bij Gallimard. In 1987 verscheen hiervan een Nederlandse vertaling. De hieronder opgenomen bijdragen verschenen eerder in Kruispunt en De Poëziekrant in een vertaling van Hendrik Carette. (Kees Klok)

COBRA IS EEN LEGENDE

Cobra is een legende die we in 1948 hebben gesticht
ter gelegenheid van een bezoek aan Parijs, we hebben
ons eerst dadelijk gebogen over onze bronnen en we
hebben het letterwoord Cobra uitgevonden, kortom we
hebben een woordspeling gemaakt omheen ons Kopen-
hagen, Brussel en Amsterdam en we hebben de legende
leven gegeven, bijvoorbeeld ook door te reizen van Brus-
sel naar Kopenhagen, van de schrijverij naar het schilderij,
van de lach naar de traan, van de lach naar de schreeuw
naar de creatie van de eeuw. In een chaotisch ritme, perfect
overroepen als bij een ware legende en toen we in 1951
bedachten dat deze legende vermoeiend werd, moest zij
ophouden te bestaan. Welnu, juist door het einde van
Cobra uit te roepen, waren we geheel en al mythomaan.

Christian Dotremont
Vertaling: Hendrik Carette

Lees alle gedichten >>

20-10-07

Miljoen

Net als Marjan Berk hebben we nu een miljoen. Helaas (voor ons) heeft zij dat miljoen in euro's en wij in 'hits' op de voorpagina van de Contrabas. Maar het stemt ons niet minder trots. Nog trotser zijn we dat deze 'hits' door zo'n 235.000 unieke bezoekers bij elkaar zijn geklikt. Dank aan allen, en klik zo voort!

Van der Wal en Wind, kaboem

Harmen Wind (nomen est omen) besprak de nieuwe bundel van Cornelis van der Wal, Hûn oan 'e himel. Hij doet dat op een manier die  Van der Wal mishaagt (en niet ten onrechte, trouwens, lees maar...; het lijkt wel of Wind het werk van Van der Wal expres verkeerd leest). Vandaag komt Van der Wal er nog eens op terug. Het wachten is nu op een zet van Wind. Die waarschijnlijk zal wachten tot hij weer eens een lullig stukje kan plaatsen, ergens. Grappig is ondertussen dat Van der Wal de goede gewoonte om recensenten niet van repliek te dienen doorbreekt. Waarmee hij zijn eigen glazen ingooit, uiteraard; dat wel.

Even een kleine zijweg. De openingsverzen van Prediker (Statenvertaling): 'IJdelheid der ijdelheden, zegt de prediker; ijdelheid der ijdelheden, het is al ijdelheid.' zijn nogal van toepassing op Harmen Wind, die bijna kan opstijgen op de door hemzelf over hemzelf gecreëerde thermiek. Vorig jaar liet hij zich Zolang de wind van de wolken waait een paginalang door Jabik Veenbaas in het zonnetje zetten als zijnde een onderschat maar briljant dichter. Deze hoogtezonkuur nam hij op in het door hemzelf vervaardigde hoofdstuk over de naoorlogse poëzie.

Nee, die Friese poëziewereld doet waar het gaat om wederzijdse beslijming (en beschimping) niet onder voor de Nederlandse. Gelukkig maar.

Wind

19-10-07

Miep miep

Mijn naam is Peter van Galen ('Peinzend achter mijn bureau kom ik tot weinig.'), ik ben 6 jaar en ik doe Road Runner na. Op de Flauwe Noot >> (Beste redactie van de Valse Noot: lees dit bericht eens...)

Gedicht van de week - Bas Belleman

zeg me na

het pad van de schaamte zal
als een möbiusband onder zichzelf doorschieten;
ik zweer dat ik tillen zal
mijn eigen voeten
en dat zeg ik na.

ik zing het na.

in de folder een rekeningnummer
dat je vertrouwen kunt als iemand die zegt:
mij kun je vertrouwen.

als een vrouw die een verbod op jaloezie uitvaardigt:
vertrouw je me soms niet?

ik blijf het zingen.

toch ploffen vrijwilligers naast me neer op de bank.
ik sla op de vlucht door de kruipruimte onder mijn huis.
ze roffelen op de vloer:
had ons er dan niet ingelaten.
je hebt ons er toch ingelaten?


Bas Belleman

'zeg me na' van Bas Belleman is de 47e bijdrage die in het kader van het project 'Gedicht van de week' op de Contrabas is geplaatst. In totaal zullen 52 dichters, die minstens één bundel bij een reguliere uitgeverij hebben uitgebracht, worden uitgenodigd om een nog niet eerder in digitale of gedrukte vorm gepubliceerd gedicht op de Contrabas te plaatsen. Dit project wordt mogelijk gemaakt door steun van het Lira Fonds.

Bas Belleman (1978) schreef de bundels 'Nu nog volop ventilatoren' (2003) en 'Hout' (2006). Zijn essay 'Doet poëzie er nu eindelijk toe' (2005) leidde tot een boeiende internetdiscussie, die hier valt na te lezen.

Jan Wolkers overleden

Den Burg (ANP) - Prozaïst,  beeldhouwer en dichter Jan Wolkers is vandaag overleden. Hij was 81 jaar. Dit heeft Onno Blom, de biograaf van Wolkers, namens de familie bevestigd.

Wolkers, geboren op 26 oktober 1925 te Oegstgeest,  overleed om 01.30 uur in zijn slaap in zijn woning op Texel.                

Hij was dinsdag uit het ziekenhuis van Den Helder ontslagen. Hij was daar opgenomen met een ontsteking aan zijn voet. Volgens Blom staat de ontsteking los van het overlijden van de kunstenaar. 'Hij was wel een oude man, maar hij was niet ziek. Zijn geest was nog jong. Hij is toch onverwacht overleden.'

Zie ook: De Volkskrant

Poëtisch inpakken Groningen

Vanaf vandaag gaat men te Groningen alles poëtisch inpakken. Zie alhier voor meer informatie >>

Tijdens het ontbijt: nieuwe bundel Sacha Blé

BleZondag 21 oktober presenteert Sacha Blé zijn derde dichtbundel: Tijdens het ontbijt, die verschijnt in de Contrabasreeks. Jeroen Theunissen leidt de bundel in, Ruth Lasters leest gedichten uit de twee vorige bundels van Blé voor en Blé zelf leest uit zijn nieuwe werk.

Sacha Blé is het pseudoniem van Andy De Smul, geboren in Sleidinge in 1971. Tijdens het ontbijt: Waaraan denkt een dichter tijdens zijn ontbijt? Aan nieuwe kladjes voor vrouw en kind, aan zijn buitenland en zijn gedichten. De gedichten omarmen het menselijk verlangen, hun toon is verkwikkend en ontwapenend, hun taal is bewust sober en appelleert opvallend aan de mediterrane wereld.

Bibliotheek, Spoorwegstraat 12, 9940 Evergem, België, tel. (0032) (0)9 253 62 92; vanaf 11.00 uur.

God in gedichten

Het doet me deugd dat prof. dr. Piet Thomas nog leeft. Hij is van 1929, dus niet meer zo piep. Ooit, bijna twintig jaar geleden, verbleef ik enige tijd in Leuven als 'uitwisselingsstudent', om me daar te bekwamen in de Germaanse Filologie. Een van onze docenten was Piet Thomas, een man met een mooie, bronzen stem, bij het geluid waarvan ik graag en prettig mijmerde.

Samen met de passionist Harry Gielen stelde Thomas de bloemlezing God in gedichten, de mooiste religieuze poëzie van de twintigste eeuw uit de Lage Landen samen. ('Van Aafjes tot Zijlstra, van Burssens tot Van de Woestijne.') Het boek verscheen onlangs bij Lannoo, de uitgeverij die vorig jaar nog alle 'gewone' dichters de laan uitstuurde; en dan wel een beetje slijmen bij God...

Van melodie tot meligheid

Onlangs verschenen: de Brakke Hond nummer 96 (herfst 2007). Een mooi nummer, maar daar gaat het me hier niet om. Het gaat me hier om het volgende. Paul Claes levert al sinds 2001 'glimpen' aan het blad: korte notities die, net als glimpen inderdaad, voorbij zijn zonder dat je er erg in hebt; maar die wel blijven hangen en vaak scherper zijn dan langere beschouwingen van langergravende beschouwers. In nummer 96 staat een hele mooie: 'De geschiedenis van de Nederlandse poëzie: van melodie tot meligheid.' Gewapend met deze glimp kan ik menig nieuwverschenen dichtbundel wat beter plaatsen.

18-10-07

Jotie T' Hooft: dertig jaar later (6 + 7; slot)

Een aantal dichters heb ik de volgende drie vragen voorgelegd:

  1. Heb je het werk van Jotie T'Hooft ooit gelezen? En wat vond je er toen van?
  2. Heeft het werk van T'Hooft invloed gehad op jouw dichterschap?
  3. Lees je het werk van T'Hooft nu nog wel eens?

Aflevering vier en vijf bevatten de antwoorden van twee auteurs : Ingmar Heytze en Joost Zwagerman; en ze staan in de Kleine Zaal >>

Sites Belges - en Belgisch nieuws

Via mijn teller ontwaarde ik vandaag twee nieuwe websites van Vlaamse collega's: die van Kurt de Boodt en die van Ruth Lasters. Had ik de website van Erik Heyman al ooit gesignaleerd? Zo nee, bij deze dan

Op 2 december aanstaande treed ik op in Sint-Niklaas, en wel in Kasteel Walburg (Walburgstraat 35, 9100 Sint-Niklaas; meer: info CC Sint-Niklaas). In deze mooie stad is dan een aflevering van Poëzie op Zondagmorgen. Als alles gaat zoals ik het me nu voorstel, kom ik te spreken over de stand van zaken in de huidige Vlaamse poëzie en/of lees ik uit eigen werk, onder meer uit de in maart 2008 te verschijnen bundel Tongebreek & Niemendal.

Ik zou het erg op prijs stellen om alle Vlaamse collega's die in de buurt van Sint-Niklaas wonen daar te mogen begroeten, vanaf 10.30 uur (de hoogmis slaan jullie dan maar één keer over, of anders pikken jullie op zaterdagavond een misje mee, zoals ik). De entree is gratis, dus daar hoeven jullie het niet voor te laten.

17-10-07

Eenzame uitvaart 83 en 84

'je wilt // dat er genoeg is en het is genoeg.' –  luidt de laatste regel van het gedicht dat Eva Gerlach schreef voor meneer Kwaaitaal, die maandag jongstleden voor het laatst werd weggebracht. Eenzame uitvaart nummer 83 vormde dat, in Amsterdam. Voor nummer 84 schreef F. Starik 'De onverschillige dood'. Het verslag daarvan verschijnt in de loop van donderdag op de website van de eenzame uitvaarten, en ook, naar goede gewoonte bij Starik thuis op zijn weblog.

Jotie T' Hooft: dertig jaar later (4 + 5)

Een aantal dichters heb ik de volgende drie vragen voorgelegd:

  1. Heb je het werk van Jotie T'Hooft ooit gelezen? En wat vond je er toen van?
  2. Heeft het werk van T'Hooft invloed gehad op jouw dichterschap?
  3. Lees je het werk van T'Hooft nu nog wel eens?

Aflevering vier en vijf bevatten de antwoorden van twee auteurs : Maarten Doorman en Onno Kosters; en ze staan in de Kleine Zaal >>

Trots op Nederland

Verdonk

Klik op het plaatje voor een eng bericht...

16-10-07

Paardenslager Wim van Beek is dood

Onder het bericht over zuurvlees dat ik hier laatst publiceerde, werd gefilosofeerd over de toekomst van de winkel van paardenslager Wim van Beek. Helaas las ik vandaag heel slecht nieuws, in dit verband. De slager is dood en al begraven.

Die ochtend reed een zwarte paardenkoets door de stad naar de begraafplaats St.Barbara. Volgauto's met directe familieleden erachter. Bij het kerkhof stonden enkele honderden mensen te wachten. In de kapel volgde een waardige plechtigheid, waarna iedereen op het kerkhof afscheid nam van paardenslager Wim van Beek.

Een paardenslager, voorgetrokken door zwarte paarden, op weg naar zijn laatste rustplaats... Genoeg inspiratie voor F. Starik (vaste klant bij Van Beek) om een fraai gedicht te schrijven waarin hij deze echte Utrechter herdenkt. Het is te lezen in de Kleine Zaal >>

Russische SLAU-avond met Anne Stoffel en Nina Targan Mouravi

Gisteren was er een 'Russische avond' in café Van Wegen te Utrecht, georganiseerd door de SLAU. Het café – dat ten onrechte ontbreekt op de lijst nieuwe monumenten van minister Plasterk – was voor de gelegenheid net iets meer dan halfvol gelopen. Blijkbaar heeft het grote publiek zich de laatste jaren enigszins afgewend van de Russische poëzie; dat is jammer, - voor het grote publiek. Opvallender was dat de Utrechtse dichtjeugd massaal verstek had laten gaan, op Annette van den Bosch na. Kunnen ze eindelijk eens iets leren, komen ze niet opdagen.

Lees verder in de Kleine Zaal >>

That's what the poem explores

De Grote Rita Verdonk Quiz

Niet links, niet rechts, en ook geen VVD-lid meer. Zie Liesbeth van Dalsums beplog, voor de Grote Rita Verdonk Quiz >>

Reugebrink: voor de stad en voor het land

Meulenhoff heeft zware jaren achter de rug. Maar daar komt op 18 oktober aanstaande een eind aan. Dan verschijnt de toekomstige everseller Het grote uitstel - de langverwachte nieuwe wereldroman van Marc Reugebrink. Om auteur en uitgeverij breed te positioneren, zijn er twee presentaties: één op 18 oktober te Amsterdam (17.00 uur, Atheneum Boekhandel, Spui); één op 20 oktober te Gent (16.00 uur, Boekhandel De Limerick, Koningin Elisabethlaan 142). De eerste rijen voor de winkels worden op 17 oktober verwacht in Amsterdam, en op 19 oktober in Gent. Het personeel van beide boekhandels deelt warme chocomel / cécémel uit en verstrekt waar nodig dekens tegen de kou. Lees verder op Reugebrinks weblog >>

Ds. C. Bregman over preek en poëzie

'De prediker gebruikt veel woorden op de kansel, soms te veel. Kan hij ook wel eens zwijgen? Ds. C. Bregman vraagt aandacht voor de inzichten van de dichtkunst "om het geheim van God in de prediking meer tot zijn recht te laten komen." Dinsdag promoveerde hij in Leiden op de talige vormgeving van preken in het licht van de poëzie van Martinus Nijhoff.' Lees verder in het Reformatorisch Dagblad (site op zondag gesloten) >>

Jotie T' Hooft: dertig jaar later (3)

Een aantal dichters heb ik de volgende drie vragen voorgelegd:

  1. Heb je het werk van Jotie T'Hooft ooit gelezen? En wat vond je er toen van?
  2. Heeft het werk van T'Hooft invloed gehad op jouw dichterschap?
  3. Lees je het werk van T'Hooft nu nog wel eens?

Aflevering drie bevat de antwoorden van twee auteurs die samen een poëtische monoloog over T'Hooft schreven (Jotie, een dichtersleven van naald tot dood): Frank Pollet en Norbert de Beule. Lees maar, in de Kleine Zaal >>

14-10-07

Van der Pluijm ontdekte nieuw Volkslied

Cees van der Pluijm laat naar aanleiding van deze discussie weten dat hij in 2001 al een pasklare oplossing had:

'De discussie over zin en inhoud van het Wilhelmus krijgt van diverse kanten nieuwe impulsen. De roep om een nieuw volkslied, of ten minste een nieuwe tekst, wordt in de multiculturele Nederlandse samenleving steeds vaker gehoord. Andere landen gingen ons voor waar blijft onze rol als gidsland wanneer wij een onbegrijpelijke, nationalistische en eng-Christelijke tekst handhaven die de eenheid van ons volk niet langer symboliseert?'

'Bij toeval ontdekte ik een anonieme tekst uit 1991 die perfect gezongen kan worden op de melodie van het Wilhelmus. Rijm en metrum zijn passend en zelfs het aantal coupletten komt overeen met het oorspronkelijke Wilhelmus. Het enige bezwaar is dat de overzeese gebiedsdelen in dit lied niet voorkomen, maar vooruitlopend op de volledige zelfstandigheid van onze voormalige koloniën, hoeft dat geen doorslaggevend bezwaar te zijn.'

'Mag ik u voorstellen, de tekst van ons nieuwe volkslied. Omdat jullie het zijn, speciaal voor jullie in de Kleine Zaal >>'

Cees van der Pluijm
(Beek, 30 april 2001; Arnhem, 14 oktober 2007)

Zondag met Osip Mandelstam; oh nee, maandag

MandelstamDe poëzie van Osip Mandelstam is geweldig. Zijn levensloop was nogal aan de tragische kant. Beide, leven en werk, heb ik leren kennen via de memoires van zijn weduwe, Nadjezjda Mandelstam. Twee dikke boeken waarin zij, op een korzelig-liefhebbende toon, verhaalt over hun beider leven tijdens het diepste dieptepunt dat de Russische terreur ooit bereikte; een terreur waar Osip Mandelstam in 1938 door werd vermalen.

Morgen is er een bijzondere avond van de SLAU, tijdens welke Nina Targan Mouravi gedichten van Mandelstam ten gehore brengt. (En voor de pauze krijgen we Marina Tsvetajeva er, eveneens gratis, bij; ik bedoel natuurlijk: krijgen we de gedichten van Tsvetajeva, eveneens gratis, voorgedragen.) Ik citeer van de website van SLAU: 'Targan Mouravi is momenteel bezig met de vertaling van het 3e boek van Mandelstam. De schrijver is inmiddels haar specialiteit geworden.' Zij publiceerde vertalingen uit de Russische poëzie in Laatste liefde: Tjoettsjev, dichter, denker, minnaar en Rusland Lethe Lorelei.

Maandag 15 oktober, 20.00 - Café van Wegen - Lange Koestraat 15 - Utrecht - toegang gratis; met medewerking van Nina Targan Mouravi, Anne Stoffel en Vincent Klos.

Twee citaten uit het boek van Nadjezjda Mandelstam:

MemoiresAls M. aan een gedicht werkte verborg hij zich nooit voor de mensen. Hij zei dat, als het proces eenmaal op gang was, niets hem verder kon storen. Vasilisa Georgiëvna Sjklovski, een grote vriendin van M., vertelt hoe hij in 1921, toen zij naast elkaar woonden in het 'Huis der Kunsten' aan de Mojka in Moskou, dikwijls bij haar binnen liep om zich te warmen bij haar potkacheltje. Soms ging hij op de divan liggen en hield hij een kussen tegen zijn oren om het gepraat in de kamer niet te horen. In zo'n geval was hij met een gedicht bezig en ging hij naar Vasilisa omdat hij het in zijn eigen kamer niet uit kon houden. Het gedicht over de engel Mary ontstond in het Zoölogisch Museum waar wij bij Koezin, de conservator, op bezoek waren om samen met hem en zijn vrienden een fles Georgische wijn te drinken, die iemand met iets eetbaars erbij in zijn aktetas had binnengesmokkeld. Terwijl wij aan tafel zaten verstoorde M. telkens het gezellig samenzijn door in de reusachtige kamer heen en weer te gaan lopen. Zoals altijd had hij het hele gedicht in zijn hoofd vóór hij het mij – nog in het museum – dicteerde. Hij was sinds ons huwelijk vreselijk lui geworden en hij maakte graag van de mogelijkheid gebruik om mij zijn verzen te dicteren in plaats van hen zelf op te schrijven.

(...)

Lichamelijke onrust was het eerste symptoom van zijn dichterlijke activiteit; het tweede symptoom was het bewegen van de lippen. In een gedicht heeft hij gezegd dat dit orgaan hem nooit zal kunnen worden ontnomen en dat zij ook onder de grond zullen blijven bewegen. Dat is ook bewaarheid...

De lippen zijn het instrument van de dichter; hij werkt immers met zijn stem. De snelle, productieve beweging van de lippen verbindt de kunst van de dichter met die van de fluitist. Als M. het gevoel van bewegende lippen niet uit eigen ervaring gekend had, zou hij het gedicht over de fluitist niet hebben kunnen schrijven:

Met een welluidend, eerzuchtig gefluister
Een zich wellustig gefluister van de lippen,
Dwingt hij zichzelf tot spaarzaamheid
Pakt hij, netjes en zuinig, zijn klanken...

Citaten uit: Nadjezjda Manelstam, Memoires, eerste boek, vertaald door Kees Verheul, Van Oorschot 1971

13-10-07

Willem Groenewegen: The Travelling Nominee

Willem Groenewegen maakte een reisverslag in het kader van de nominatie van zijn boek poëzievertalingen van Rutger Kopland, getiteld What Water Left Behind (Dublin: Waxwing Poems, 2005) voor The Corneliu M. Popescu Prize for European Poetry in Translation. Het verslag is te lezen in de Kleine Zaal >>

Breukers Bromt: Lasters 'even hard staande tepels'

Op de weblog van de Brakke Hond lees ik deze uitspraak, door Ruth Lasters in de Morgen gedaan: 'Proza en poëzie zijn voor mij als twee vrouwenborsten waarvan beide tepels even hard moeten staan.’ Eigenlijk vind ik dat iemand die zo'n draak van een beeld voortbrengt, straf verdient. Maar vooruit, omdat ik in een milde bui ben: een tijdelijke verbanning uit de literatuur is ook goed.

Lees verder in de Kleine Zaal >>

Salvador Espriu

Salvador Espriu (1913-1985) is een van de bekendste Catalaanse dichters van deze eeuw. Zijn eerste boek verscheen in 1931: Doctor Rip; in 1939 volgt zijn eerste toneelstuk: Antigone; in 1946 zijn eerste dichtbundel: Kerkhof van Sinera. In 1968 werd begonnen met de uitgave van zijn verzameld werk. Espriu over zichzelf: 'Op de drempel van mijn veertigste levensjaar kan ik zelfs nog geen klein fiche vullen met biografische gegevens. Ik heb gestudeerd, ik werk om in mijn onderhoud te voorzien en ik streef ernaar, zonder enige hoop overigens, me ooit volledig aan mijn literaire arbeid te kunnen wijden.' Omdat Catalonië in het centrum van de boekenbelangstelling stond, afgelopen week, in Frankfurt, en omdat de poëzie in Frankfurt niet echt voorop staat, vandaag een paar gedichten van een Catalaan, vertaald door Fa Claes, op Stanza >>

Gedicht van de week - Ivo van Strijtem

Dichterschap

Wanneer hij geen poot uitsteekt
is de dichter hard aan het werk.

Hij weegt de zon in zijn ene hand
– in de andere valt sneeuw –

en vangt daar niets mee aan,
bevindt haar lichter dan de

onbewuste wijze waarmee hij dit
verricht. De dichter is een leegloper.

Wat hij wil dat weet hij niet, ook niet
wat hem tot al dit nietsdoen drijft.

Hij schrijft nog heerlijk in het woordeloze,
een blinde die het ziet.


Ivo van Strijtem

'Aan deze kant' van Ivo van Strijtem is de 46e bijdrage die in het kader van het project 'Gedicht van de week' op de Contrabas is geplaatst. In totaal zullen 52 dichters, die minstens één bundel bij een reguliere uitgeverij hebben uitgebracht, worden uitgenodigd om een nog niet eerder in digitale of gedrukte vorm gepubliceerd gedicht op de Contrabas te plaatsen. Dit project wordt mogelijk gemaakt door steun van het Lira Fonds.

Ivo van Strijtem (1953) schreef onder meer de bundels 'Hoeveel is zo weinig' (1978), 'Brussel aan de Mississippi' (1991), 'Een rode sjaal' (1998), 'De mooie Ierse' (2002) en 'Het tegenbezoek' (2006).

12-10-07

Breukers Bromt: Borrelen met Hanneke

'Alweer kreeg Nederland geen Nobelprijs Literatuur.' Zo begint de Sappho van Beesel, de Hadewych van de Mijnstreek, het Zingende Hart van de Limburgse Letteren, de Grandma Moses van de Roerstreek, ik bedoel natuurlijk: zo begint Hanneke Eggels een columnachtig-iets uit 2005, dat nu op haar website is te bewonderen. Nee, natuurlijk kreeg Nederland geen Nobelprijs literatuur! Die wordt namelijk toegekend aan personen, de zogenaamde literaire schrijvers, en niet aan landen.

Lees verder in de Kleine Zaal >>

Canon 3000 jaar westerse poëzie

De literaire canon en de nobele kunst der bloemlezing (men denke natuurlijk subito presto aan Gerrit Komrij) zijn springlevender dan ooit. Nu gaan ook Ilja Leonard Pfeijffer en Gert Jan de Vries een canon samenstellen van 3000 jaar westerse poëzie, zo is bekendgemaakt op de Frankfurter Buchmesse en staat in NRC-Handelsblad.

Lees verder bij de Papieren Man >>

Vrijdags Lombrosomoment

Maar... dat is toch... die Nyk de Vries lijkt toch op... Daniil Charms? En hij schrijft ook korte prozatekstgedichten... zou het dan toch waar zijn? Even mijn Cesare Lombroso er op naslaan...

11-10-07

Jotie T' Hooft: dertig jaar later (2)

Een aantal dichters heb ik de volgende drie vragen voorgelegd:

  1. Heb je het werk van Jotie T'Hooft ooit gelezen? En wat vond je er toen van?
  2. Heeft het werk van T'Hooft invloed gehad op jouw dichterschap?
  3. Lees je het werk van T'Hooft nu nog wel eens?

De komende dagen presenteren we de antwoorden. Als tweede die van: Benno Barnard >>

Een 'nieuw volkslied'?

Gisteren zag ik iets heel engs, op de tv. Ik zag... een groot koor, aan het eind van een uur Pauw & Witteman, en dat koor zong een lied... nu ja, een lied... een soort uit vaselinetonen opgetrokken zangstuk... en dat zangstuk was voorzien van ik meen ongeveer onderstaande tekst:

Land van tolerantie
en het grootste hart.
Jij omarmt de wereld
dat maakt jou zo apart.
Klein zijn op de aardbol
groot in woord en daad.
Daar waar je graag thuiskomt
en liefde nog bestaat.

Refrein:

Nederland, mijn vaderland,
een zijn met Oranje
Nederland, mijn vaderland,
'k heb je lief mijn Nederland.
Nederland, mijn vaderland
'k heb je lief mijn Nederland.

Land omringt door dijken,
waar de molens staan.
Vele bruggenbouwers
wie kent ze niet van naam.
Stoere ferme knapen
mensen als Piet Hein.
Trots vanwaar ze kwamen
en een van hen te zijn.

(Refrein)

Daar waar de vrijheid lacht
Een land met mening
Een volk met grote kracht
en volop strijd.
Gevoel voor mensenrecht.
Oog voor 'n ander.
Ik draag het rood-wit-blauw
tot in de eeuwigheid.

(Refrein)

Dit lied was gisteravond door 'de mensen' gekozen tot 'nieuw volkslied', tijdens een tv-iets. Iets met een week democratie, zeg maar. Iets op de televisie, waar mensen dan blijkbaar naar kijken. Ik had er nog niet van gehoord, maar ik ben niet zo van de massale tv-dingen, meestal. En nee, natuurlijk wordt het lied niet het nieuwe volkslied, het is immers maar tv. Enfin, ik snap het ook niet helemaal, ik vat alleen maar samen wat ik er gisteren van heb begrepen.

Ik heb de tekst van bovenstaand lied ook proberen te begrijpen, maar het is me helaas niet gelukt. Wel kreeg ik, luisterend en lezend, het akelige idee dat 'de mensen' 'de democratie' eigenlijk helemaal niet verdienen. Dat het uitspreken of zingen van dergelijke teksten het hele 'fundament' van 'de democratie' in een paar minuten meer aantast dan welke regering dan ook in vier jaar voor elkaar kan krijgen. Dat een land waar dit soort liederen op tv mogen worden gezongen gedoemd is...

En dat die hele dampende, smeulende cocktail waarin nationalisme en zelfoverschatting een giftige osmose aangaan, de voorbode is van veel slechts. Gelukkig ben ik nog een beetje optimistisch, want anders zou ik er een cultuurpessimist van worden.

First blood

TedEen bericht uit de loopgravenoorlog die de kinderboekenwereld teistert. Ted ('they drew first blood') van Lieshout walst zijn ene terechte punt (dat ze hem van tevoren om toestemming hadden moeten vragen, de mensen van Prometheus) nog maar een keer uit. Misschien wil hij wel graag horen dat hij gelijk heeft ('Je hebt gelijk, Ted.'). Of misschien is hij gewoon een beetje boos omdat hij met zeven gedichten is vertegenwoordigd, en niet met tien? Of is dat een vuile suggestie van mij? Ja, dat is een vuile suggestie.

Hoe het ook zij, heel listig probeert Van Lieshout (om welke reden dan ook) de professionaliteit van Komrij als bloemlezer onderuit te halen: 'Ook Komrij lijkt van mening dat poëzie, en dan wellicht in het bijzonder poëzie voor de jeugd, amateurisme is. Toin Duijx stipte het al aan: achter in de kinderkomrij staan gedichten opgenomen van niet-professionele dichters; kinderen hebben daar hun eigen gedichtenhoek. Ik heb geen flauw idee waarom Komrij deze gedichten heeft opgenomen en de vraag dringt zich op: gaat hij ook zondagsdichters selecteren voor zijn volgende bloemlezing voor volwassenen?'

Precies ja. Achterin de bloemlezing. Een apart hoekje. Voor kinderen. Een bevolkingsgroep die inderdaad veel invloed heeft in kinderboekenland, wat, en daar heeft Van Lieshout, gesteld dat hij dat vindt, ook weer gelijk in ('Je hebt gelijk, Ted.'), een slechte zaak is. Wat mij betreft mogen we best terug naar een situatie waarin de ter zake kundige, een volwassene, beslist wat het kind moet lezen, en waarom. Het onderwijs zal er wel bij varen. Een canonbloemlezing, gemaakt door een dichter en schrijver die zijn sporen heeft verdiend, is een eerste stap op weg