« Uitslag Contrabaspeiling (14) | Hoofdmenu | Pessoa loopt door New York een van de best verzorgde boeken 2005 »

21-5-06

Binnen/buitenkant

Naaimachine Ik volg al enige tijd een discussie over poëtica die op enkele Amerikaanse weblogs wordt gevoerd aan de hand van een gedachte-experiment van Shanna Compton. Deze discussie sluit in zeker opzicht aan bij de discussie over het werk van Dirk van Bastelaere in het log hieronder.

Het gedachte-experiment van Compton luidt als volgt (met het oog op de lengte in enigszins aangepaste vorm weergegeven):

Het procédé is in zekere zin irrelevant:

Als poëzie kleding zou zijn, dan is het gedicht de buitenkant. Het procédé is gedeeltelijk zichtbaar in de aan de binnenkant verborgen constructiedetails.

De buitenkant vereist een binnenkant. Soms maakt de kledingconstructie deel uit van de buitenkant. Bijvoorbeeld rafels, een 'authentiek' elleboogstuk of decoratieve naden.

De buitenkant en de binnenkant vallen in deze zin soms samen. Maar in dat geval kan de samenvallende binnen/buitenkant alleen maar bestaan bij de gratie van een tweede, aan het oog onttrokken binnenkant.

Voor de kleermaker is de binnenkant niet irrelevant. De binnenkant is de buitenkant. De buitenkant en de binnenkant zijn onderling afhankelijk & even essentieel.

Maar zijn de aan de binnenkant verborgen constructiedetails voor de drager van het kledingstuk relevant?

Als voorbeeld van een dichtbundel waarin binnenkant en buitenkant voor een belangrijk deel samenvallen wordt Under Albany van Ron Silliman gegeven. Ook flarf gedichten vertonen volgens Compton constructiedetails aan de buitenkant.

Ik zou aan dit lijstje 'De voorbode van iets groots' van Dirk van Basteleare willen toevoegen.

Waar zou 'stollen' in dit gedachte-experiment kunnen worden ingebracht? Daar pieker ik nog over. Zie ook Mettes. Rafels komen me als 'ongestold' voor.

Reacties

Afwaslijstje vragen:

Wie kijkt er naar de naden en de zoom (the seam-side)? En wie niet?

Er zijn heel wat mensen die een kledingstuk kopen omdat ze het mooi vinden, of omdat het lekker zit, zonder dat ze zich met het stiksel bezig houden.

Als je er wel aandacht aan besteedt, zijn er verschillende redenen waarom je dat zou doen:

- Je wil je ervan vergewissen dat het kledingstuk degelijk is gemaakt, dat het een tijdje meegaat en dat je waar krijgt voor je geld.

- Je bent gefascineerd over hoe het kledingstuk in elkaar is gezet omdat je het zelf ook eens wil maken, of omdat je wel eens wil weten hoe de ontwerper / naai(st)er dit of dat naaikundig probleem heeft opgelost.

- Je bent een modecriticus of fashionista op zoek naar de taal van nieuwe trends.

Stel dat je gefascineerd bent door de constructiesporen en je koopt een kledingstuk omdat het je intrigeert om te weten hoe het in elkaar is gezet. Je ontnaait het kledingstuk en legt de verschillende stukken stof open. Afhankelijk van de complexiteit van het kledingstuk kun je achterhalen hoe en met welk naaiwerk alles aan elkaar is gezet.

Dit samenzetten is een hachelijk werkje. En het is absoluut niet gezegd dat wanneer je een kledingstuk uit elkaar haalt, je het stuk weer net zo in elkaar kunt zetten zoals de ontwerper het had bedoeld. Niet dat dat altijd noodzakelijk is. Als het goed zit of goed oogt is het ook goed.

Je kunt nu de stukken stof opnieuw uitsnijden en dezelfde jas namaken in een andere stof.

Maar je wil weten waarom die jas zo funky of zo stijlvol oogt. Kun je dit achterhalen door het naaiwerk te bestuderen? Je kunt via het spoor van de jas de ontwerper opsporen en de inspiratie van de ontwerper trachten te achterhalen. Je gaat kledingstukken vergelijken van vroeger en nu. Je duikt in de modegeschiedenis, dwaalt rond in de kunst, kijkt naar popsterren, ...

Je wil weten waarom die jas zo goed zit. Is het de stof? Is het de constructie? En wat precies is het aan die constructie die maakt dat hij zo goed zit? Je doet m.a.w. een zelfonderzoek. Daarna kun je je afvragen of een kledingstuk zoals jouw jas ook om dezelfde redenen goed zit bij je vrienden.

------------

.x.1
Moet je weten hoe een gedicht geconstrueerd is om het mooi te vinden?

.x.2
Als je een gedicht ontleedt, weet je dan hoe het tot stand gekomen is? Is het een kwestie van spoorzoeken? Kunnen we uit de sporen ("the construction details") het ontstaan van het gedicht ("the process") achterhalen? En is dat relevant?

.x.3
Als je een gedicht opnieuw in elkaar zet, is dat dan niet een vorm van (her)lezen?

.x.4
Waarom beroert een gedicht mij? Dat is een vraag in verschillende richtingen:
- Waarom ben ik op dit ogenblik "bereikbaar" voor/ "beroerbaar" door dit gedicht? (Hoe komt het dat dit instrument op mij werkt?)
- Wat in dat gedicht beroert mij? (Hoe werkt dit instrument?)
- Wat doet het gedicht met mij? (Wat doet het instrument met mij? Wat is het effect?)
- Wat moet ik hier nu uit afleiden? Over het gedicht? Over de dichter? Over mezelf? Over de wereld / werkelijkheid?

.x.5
Die kledingstukken waarbij het stiksel naar buiten is gericht of ruwweg zichtbaar is, zijn dat gedichten waarbij de dichter het gehele werkproces als resultaat presenteert, inclusief doorhalingen, en niet een afgewerkt product als eindproces van het scheppen?

Of is het eerder een werk waarbij de dichter een gedicht schrijft en er dan structurele ingrepen op uitvoert zoals woorden doorhalen, in het vet zetten, overschrijven, ...

Of is het een gedicht waarvan de dichter constructiedetails in de verf zet nadat of terwijl hij het aan het schrijven is?

Of geldt dit voor ieder gedicht waarvan de constructie (grafisch, op zins-, strofe-, vers-, woordniveau) tout court be-tekent?

.x.6
Wat zou de discussie draagbare vs ondraagbare mode kunnen opleveren voor deze metafoor?

Merk-kledij vs namaak?

Exclusief vs niet-exclusief?

.x.7
Wat is binnen en buiten aan een gedicht? Is vorm versus inhoud is niet al te eenvoudig?

Wat met de (be)leefwereld van de dichter versus de (be)leefwereld van de lezer.

En wat met de constructies die de dichter creëert zonder dat hij er zich van bewust is?

Wat met de constructies van de lezer die misschien bij lange na niet de constructies van de dichter zijn, noch die die de dichter onbewust gecreëerd heeft? Bestaan die überhaupt?

Wat met de constructies die beide maken / lezen en die een zekere overeenkomst vertonen? Is dat omdat ze dezelfde binnenkant of dezelfde buitenkant zien?

Arne S.

Controleer uw reactie

Voorbeeld van uw reactie

Dit is slechts een voorbeeld. Uw reactie is nog niet ingediend.

Bezig...
Uw reactie kon niet worden ingediend. Fout type:
Uw reactie werd gepubliceerd. Nog een reactie achterlaten

De letters en cijfers die u invulde kwamen niet overeen met de afbeelding. Probeer opnieuw.

Als laatste stap voor uw reactie wordt gepubliceerd, gelieve de letters en cijfers in te vullen die die u ziet in de afbeelding hieronder. Dit voorkomt dat automatische programma's reacties achterlaten.

Problemen met het lezen van deze afbeelding? Alternatief bekijken.

Bezig...

Laat een reactie achter